• reisdag
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • Home
  • Reisroute
  • Contact






Dag 7, van Kanchanaburi via Bangkok naar Chang Mai.

We hebben de wekker gezet en staan om 7 uur op waarna we de koffers inpakken en uitchecken voordat we om 8 uur ons laatste ontbijt hebben in het Pung Waan Kwai Noi Resort. Hoe laat het is weten we, maar we hebben geen enkel benul meer welke dag van de week het is.

Om negen uur worden we opgehaald en rijden we in iets meer dan een uur naar de 90 km stroomopwaarts gelegen Hell Fire Pass. Dit is een door dwangarbeiders en krijgsgevangenen in de rots uitgehouwen bergpas die nodig was voor de aanleg van de beruchte Birma spoorweg in de Tweede Wereldoorlog. In de kloof zelf zijn de restanten nog te zien van de spoorrails en in de rotsen afgebroken en vastgeklemde restanten van gereedschap. Zowel de kloof als het bijbehorende museum zijn het waard om te bezoeken en laten diepe indrukken na. De verkenning van de kloof moeten we helaas halverwege afbreken omdat we allebei last krijgen van het Thaise eten van gisteren en noodgedwongen terug moeten.


Aansluitend staat een lunch gepland en omdat de trip door de bergpas vroegtijdig is afgebroken zitten we al om half twaalf in een nabijgelegen restaurantje. Natuurlijk nemen we allebei alleen maar iets heel luchtigs te eten.
Vervolgens vertrekken we richting Bangkok waar we vanavond de trein zullen nemen naar Chang Mai, een grote stad in het noorden van het land. We maken wel een kleine omweg via een klein dorpje waar zowel onze gids zelf als zijn schoonvader, onze chauffeur wonen. De laatstgenoemde moet vandaag voor een verkiezing zijn stem uitbrengen en wij hadden aangegeven er geen probleem mee te hebben om even om te rijden.

Het is eigenlijk heel leuk zelfs als we zien hoe de mensen in zo'n dorpje, buiten het zicht van toeristen, echt wonen. Vooral een toiletbezoek, in een apart gebouwtje naast hun kleine woning maakt veel indruk. We maken ook kennis met de familie van onze begeleiders. Beider vrouwen hebben samen bij een bushalte een stalletje waar ze versgebakken koekjes verkopen. Met het verdiende geld kopen ze weer dingen bij stalletjes van dorpsgenoten, die op hun beurt het verdiende geld ook weer bij een ander besteden. Op deze manier helpen alle dorpsbewoners elkaar. Als kadootje krijgen wij een zakje met zojuist gebakken typisch Thaise koekjes aangereikt.


Onze gids wil echter niet te lang blijven hangen. Hij heeft de verantwoording om ons op tijd op het treinstation van Bangkok af te zetten en je weet niet in wat voor verkeerdsdrukte je onderweg terecht komt. Op onze vraag vindt hij het prima, in het geval dat we eenmaal in de hoofdstad veel tijd over hebben, om dan nog naar de Wat Pho tempel met de beroemde gouden liggende Boeddha te gaan.
De reis gaat snel en dus staan we halverwege de middag voor de tempel. Onze chauffeur is al op leeftijd maar is hier nog nooit geweest. Wij nodigen hem uit om met ons mee te gaan en hij is er gewoon diep door geroerd. Als Boeddhist is dit altijd een grote wens van hem geweest, maar het is er nog nooit van gekomen.

Maar ook wij zijn diep onder de indruk. Wat een pracht en praal en het beeld van de liggende Boeddha is werkelijk fantastisch. Het beeld is met een lengte van 46 meter en een hoogte van 15 meter gigantisch te noemen en helemaal bedekt met bladgoud. Niet alleen het beroemde beeld, maar het hele tempelcomplex is werkelijk geweldig mooi. We maken dan ook veel foto's.
Het Boeddhisme heeft voor ons veel onbekende gewoonten en tradities, maar we zijn heel verbaasd over een gebruik met muntjes. Een gelovige kan een bakje met 50 muntstukjes kopen en al gebeden opzeggend langs een lange rij metalen potten lopen en in elke daarvan een muntje gooien. Een lange rij mensen loopt achter elkaar langs de potten en je hoort een constant getik van vallende muntjes.


Dan wordt het toch tijd om door te gaan en om 16.30 uur staan we voor het treinstation waar we afscheid nemen van onze reisbegeleiders. Eigenlijk vanaf vandaag pas is het ijs een beetje gebroken met onze chauffeur en is hij ook een beetje los gekomen. Natuurlijk is de taal een grote barriere geweest tussen ons.
Het is druk op het station. Wij hebben het 'geluk' dat veel Thai vakantie hebben en met de trein naar huis gaan. Gelukkig hebben we een besproken plek maar om 19.00 uur kunnen we de trein pas in. Dus dat is wachten in de hal. En dat alleen is al een hele ervaring.

We zitten met velle honderden mensen in de hal op de grond met onze bagage. Er zijn maar een paar stoelen beschikbaar. Dan klinkt om 18.00 uur ineens het volkslied uit luidsprekers en op een groot scherm aan de muur verschijnt de koning. Iedereen, van groot tot klein gaat staan met het gezicht naar het scherm en zelfs stationspersoneel stopt met het werk waar ze mee bezig zijn. Als het volkslied afgelopen is, verdwijnt de koning en gaat iedereen door waar hij mee bezig is. Heel gek misschien, we weten dat de koning geliefd is, maar hierbij lopen de koude rillingen ons over de rug.


Om 19.00 uur mogen we dan eindelijk de trein in en zijn we op weg voor de lange reis naar Chang Mai. Jammer dat het al lang donker is en we dus niet zien waar we allemaal langs rijden. De nachttrein is een hele leuke ervaring. In de latere avonduren komen pursers langs die alle stoelen ombouwen tot een slaapplaats. Om half elf worden onze zitplaatsen veranderd in een stapelbed met een gordijn gescheiden van het gangpad. Wij zijn niet anders dan anderen, dus de vrouw heeft het onderste bed en de man ligt boven.
Ondanks het lawaai en het schudden van de trein liggen we heerlijk en vallen we redelijk snel in slaap.






copyright: 2016 - thailand.gradstaat.nl